George Schriemer

Informatie over kinderboekenillustrator George Schriemer

Hoi allemaal! Mijn naam is George Schriemer. Ik ben geboren in Maarn op 31 juli 1963. Tussen de bossen van de Utrechtse Heuvelrug ben ik opgegroeid met mijn drie broers en één zus. Ik ben zelf de op één na jongste thuis. Wat willen jullie nog meer weten?

Vanaf wanneer tekent u al?
Al op de kleuterschool(nu groep 1 en 2) was ik altijd aan het tekenen. Ik herinner mij nog goed dat ik altijd indianenhoofden aan het tekenen was en voor mijn gevoel leken die heel echt. Ook op de lagere school (basisschool) bleef ik actief bezig met tekenen. Maar ik dacht toen nog niet dat dit later mijn beroep zou worden. Mijn ouders leefden wat dat betreft in een hele andere wereld; een wereld waar een ‘vrij’ beroep als tekenen niet aan de orde was. Ik wist toen niet beter dat ik ergens een vast baantje zou gaan nemen of iets dergelijks. Maar mijn passie voor tekenen bleef groot.

Wat vindt u nog meer leuk om te doen?
Van mijn oudste broer kreeg ik op mijn zesde een gitaar. Ik maak sindsdien ook muziek, speel gitaar en zing in een band. Met die gitaar was ik echt heel blij en ik heb dat ding ook nooit meer losgelaten.

Hoe ging het na de basisschool?
Ik ging naar de mavo (nu vmbo) en ik was nog actief bezig met tekenen en gitaar spelen. Ik kreeg mijn eerste bandje en ging zelf liedjes maken, wat ik nu nog steeds doe. Ook tekende ik maar door. Ik tekende van allerlei verschillende dingen zoals stillevens, fantasietekeningen, stripjes, enzovoort. Toen ik mijn mavo-diploma had gehaald, moest ik echt goed nadenken over welke richting ik toen op moest in het leven. Leren vond niet erg prettig, ik was liever bezig met mijn twee passies. Dat was mijn ouders ook niet ontgaan, maar het woord Kunstacademie kwam niet voor in hun woordenboek (iets wat voor mij trouwens heel begrijpelijk is).

Wat heeft u toen gedaan?
Mijn moeder vond een advertentie in een krant over de Grafische School in Utrecht. Daar ben ik toen heengegaan. Het was een opleiding waarbij je werkte in een Grafisch bedrijf en één dag in de week moest je naar school. Ik was leerling reproductiefotograaf en was verplicht ook af en toe naar andere afdelingen te gaan. Maar na anderhalf jaar ging het van 9 tot 5-ritme mij tegen staan. Ik merkte toen al dat dit voor mij niet weggelegd was. Mijn oudste broer zat ondertussen al in Groningen op de ACADEMIE VOOR BEELDENDE KUNSTEN en ik ging daar af en toe ook op bezoek. Daar zag ik hoe hij bezig was met het maken van schilderijen en tekeningen. Dat sprak mij enorm aan. Toen hij nog bij ons thuis woonde, was hij ook altijd aan het tekenen en dat maakte toen ook al diepe indruk op mij. Lekker bezig zijn met je fantasie! Uiteindelijk ben ik, ook dankzij mijn broer, op de Academie voor Beeldende Kunsten Minerva te Groningen terecht gekomen. Daar begon ik in 1983 en het was een mooie tijd. Hier voelde ik mijzelf op mijn plek.

Hoe lang bezocht u die school en wat deed u daar allemaal?
Ik heb daar vijf jaar op de vrije afdeling gezeten. Op de vrije afdeling hielden wij ons voornamelijk bezig met Tekenen en Schilderen. In de eerste jaren zaten daar nog andere vakken bij, zoals beeldhouwen, letter- en lijntekenen, filosofie en grafische vormgeving. Maar hoe verder je kwam, des te meer kon je je specialiseren in wat je het beste lag. Mijn broer werkte inmiddels als illustrator en hij had veel werk in het hele land. Ik hield mij op de Academie uiteindelijk alleen nog maar bezig met het maken van schilderijen en tekeningen en volgde daarnaast trouw het modeltekenen, de schilderlessen, de anatomielessen en de kunstgeschiedenislessen.

Hoe liep dat af?
In 1987 studeerde ik cum laude af met een eigen eindexamenexpositie samen met twee studiegenoten. En al zeg ik het zelf: iedereen was zeer enthousiast! Ik kon gelijk terecht bij een gerenommeerde galerie en heb daar een jaar later ook aan een groepsexpositie meegedaan.

Dat klinkt goed!
Ja, maar toch miste ik iets in die wereld. Ik zag dat veel kunstschilders bleven hangen in hun stijl en steeds hetzelfde kunstje deden (met alle respect overigens).Ik had het gevoel nog lang niet uitgeleerd te zijn (ik begon pas immers). In die tijd had ik veel contact met mijn broer en kende al zijn illustratiewerk natuurlijk ook. Op een gegeven moment hebben we toe besloten om samen te gaan werken. Onze manier van werken kwam behoorlijk overeen en het illustratievak leek mij erg veelzijdig en dus leerzaam. We huurden samen een grote flat met zes kamers (waarvan twee ateliers) en zijn toen samen in het diepe gesprongen onder de naam SCHRIEMER & SCHRIEMER. Mijn broer kon mij zo de kneepjes van het vak leren. We waren dag en vaak ook nacht bezig en bouwde een goede klantenkring op.

Wat hebben jullie allemaal gedaan?
We werkten toen onder andere voor uitgeverij Luitingh/Sijthoff (waar we veel omslagillustraties voor maakten (Stephen King Dean.R.Koontz e.v.a), voor diverse reclamebureaus in het hele land, voor diverse andere uitgeverijen (boekomslagen en binnenillustraties). Ook werkten we voor diverse agenten, voor reclamewerk. Een Agent is een tussenpersoon die opdrachten voor je regelt. We maakten illustraties voor onder andere Philips, Madame Tussaud, Samson en Bayer. Ook maakten we illustraties voor onder andere spellendozen, productverpakkingen en theateraffiches. Eigenlijk kon je het zo gek niet bedenken of we maakten er wel een illustratie voor. Ik heb erg veel geleerd in die tijd. Je moet altijd in staat zijn om elke keer weer te maken wat er van je gevraagd wordt. Zo word je op een dag plotseling gebeld door een opdrachtgever die vraagt je of je (bijvoorbeeld) een koe op een fiets in de ruimte kunt schilderen en dan moet het wel over vijf dagen klaar zijn. Dat soort dingen kwam en komt steeds weer voor en dat moet je wel kunnen. Als je het verprutst, ben je je klant kwijt. Gelukkig is het me eigenlijk altijd gelukt.

Werkt u nog steeds met uw broer?
Mijn broer en ik hebben zo’n vijf jaar samengewerkt en zijn toen weer alleen verder gegaan. Het is uiteindelijk toch een vak wat je in je eentje moet doen (vind ik). Bovendien wilde mijn broer zich meer met het maken van schilderijen bezig gaan houden.

Kreeg u toen nog wel werk?
Ja, genoeg! Op een gegeven moment kwam uitgeverij Kluitman op mijn pad. Zij kenden mijn boekomslagen van onder andere Stephen King en vroegen of ik voor hen wilde illustreren. Leuk natuurlijk en dat doe ik nu alweer zo’n jaar of tien met groot plezier. Ik heb ondertussen al behoorlijk wat illustraties gemaakt voor deze uitgeverij, vooral voor boekomslagen. Zo illustreerde ik Cyberzone, Overleven in de Wildernis, Kippenvel, de Kameleon, Op zoek naar Dolfijnen en Heartland. De meeste illustraties maak ik in olieverf en acrylverf. De modellen die ik gebruik op de omslagen, fotografeer ik bij mij thuis. Aan de hand van deze foto’s maak ik de illustraties. Ook moet je veel onderzoek doen naar allerlei onderwerpen die afgebeeld moeten worden. Dat betekent dat je veel met je neus in de boeken moet zitten en op het internet moet zoeken. Want op de manier waarop ik werk is het erg moeilijk alles uit je hoofd te doen. Ondertussen ben ik al zo’n zeventien jaar bezig in dit vak en soms met vallen en opstaan. Maar dat hoort bij dit vak. Ik werk sinds een paar jaar ook voor Ravensburg (een puzzelfabrikant in Duitsland). Mijn werk is dus nu niet alleen meer te vinden in Nederland, want deze puzzels worden uitgebracht over de hele wereld. Daar ben ik best wel een beetje trots op.

Waar woont u eigenlijk? En heeft u kinderen?
Ik woon in Groningen en heb een zoon waar ik erg van hou.

Maakt nu nog steeds muziek?
Ja, met mijn band! En zo af en doen we ook een optreden. Het is een mooie combinatie: het illustreren en musiceren.

  • Gerelateerde boeken

Deze website gebruikt cookies om de beste online ervaring te creëren. Ga akkoord door op de 'Accepteer' knop te klikken.