Ad van Gils

Ad van Gils schrijft het liefst als het heel stil is om hem heen. Daarom begint hij altijd vroeg. ’s Morgens om vijf uur stapt hij zijn bed uit, zet een pot koffie en gaat in zijn werkkamer aan de slag.

Ad is geboren op 29 maart 1931 in Tilburg en hij had twaalf broers en zussen. Op zijn twintigste moest hij in dienst. Eerst zat hij bij de Koninklijke Marine en vervolgens een tijdje bij de Koninklijke Luchtmacht. Het militaire leven beviel hem niet zo goed en uiteindelijk kwam Ad bij Philips terecht, waar hij werkte als gereedschapsconstructeur en werkvoorbereider-calculator. Toen hij 44 jaar was, moest Ad vanwege zijn gezondheid stoppen met werken. Vanaf dat moment had hij de tijd om zich bezig te houden met zijn allergrootste hobby: schrijven.

Ad begon met het schrijven van korte verhalen. Op een dag stuurde hij vijf verhalen naar een tijdschrift en tot zijn verbazing werden drie van de vijf verhalen geplaatst. De redactie van het tijdschrift vroeg of hij nog meer verhalen had, waarna Ad er uiteindelijk veertien schreef. Een uitgeverij wilde die verhalen uitgeven in een boek en vroeg aan Ad of hij soms nog meer boeken wilde schrijven. Zo begon het balletje te rollen en kreeg hij het steeds drukker. Na verloop van tijd kreeg Ad zin om ook eens een jeugdboek te maken.

Een fietscrossclubje bij hem in de buurt bracht hem op het idee om te schrijven over Joep Spikkel, een jongen die gek is op fietsen. Toen zijn boek klaar was, stapte Ad ermee naar Uitgeverij Kluitman. Die wilde het boek uitgeven, op voorwaarde dat Ad nog meer delen zou schrijven. Na negen delen stopte de serie over Joep Spikkel en begon Ad aan een voetbalserie, Snelle Jelle. Rond 1988 vroeg het Wereld Natuur Fonds of Ad een serie jeugdboeken wilde schrijven over bedreigde diersoorten in Nederland.

Het werden drie boeken: over de das, de otter en de bever. Rond datzelfde jaar verscheen zijn eerste oorlogsboek voor volwassenen. Dit boek gaf Ad het idee om ook een oorlogsboek voor de jeugd te schrijven over het verzet. Terwijl hij onderzoek deed voor dit boek, kwam hij erachter dat de gebeurtenissen die zich in de oorlog hadden afgespeeld in de Biesbosch, in werkelijkheid veel spannender waren dan hij had gedacht. Nadat hij drie maanden in archieven en bibliotheken allerlei informatie had verzameld, begon Ad aan de trilogie De Vos van de Biesbosch, waarvan het eerste deel in 1990 verscheen.

Ad wil verhalen schrijven voor jong en oud. Verhalen die goed, leuk en spannend zijn, maar waar je ook iets van op kunt steken. Een aantal van zijn verhalen berusten trouwens voor een deel op de werkelijkheid.

Zo lijkt  de plaats waar Snelle Jelle woont bijvoorbeeldveel op de woonplaats van Ad, en heeft verzetsstrijder Martien van Lent uit De Vos van de Biesbosch echt geleefd. Ad besteedt altijd veel aandacht aan de voorbereiding van een boek. Onderzoek is daarbij heel belangrijk, want alles moet wel kloppen. Voor Snelle Jelle – Onderuit gehaald keek Ad bijvoorbeeld rond op het jeugdinternaat van de voetbalclub PSV. Wanneer zijn onderzoek is afgerond, begint Ad met schrijven. Het schrijven van een deel uit de Snelle Jelle-serie duurt zes tot acht weken en aan een flinke roman is hij vier tot zes maanden bezig. Ad ziet zichzelf als een verteller op papier. ‘Een boek moet boeien,’ vindt hij, ‘want daardoor wordt lezen een van de fijnste dingen die er zijn.’

Ad van Gils is op 1 oktober 2010 overleden.


Ad van Gils Boeken Bekijk alle boeken

Deze website gebruikt cookies om de beste online ervaring te creëren. Ga akkoord door op de 'Accepteer' knop te klikken.