Erna Gianotten

Erna Gianotten werd geboren op 27 maart 1945 in Hilversum. Ze heeft vijf broers en twee zusjes. Toen ze klein was, woonden er ook pleegkinderen bij hen in huis. ‘Ik had een leuke jeugd,’ vertelt de schrijfster. ‘Mijn moeder nam de wereld van ons kinderen net zo serieus als die van de volwassenen.’ Erna Gianotten ging naar het gymnasium. Daarna deed ze de Pedagogische Academie omdat ze lerares wilde worden.

In 1966 trouwde ze met een arts. Van 1966 tot 1967 stond ze voor de klas. In 1967 werd haar dochter geboren. In 1968 vertrok Erna met haar man en dochter naar Afrika. Het was toen oorlog tussen Biafra en Nigeria. Ze zaten in het eerste medische team dat werd uitgezonden. Vlakbij, in Gabon, hielpen ze de vrouwen en kinderen in de vluchtelingenkampen. ‘Voor de vrouwen en kinderen was die oorlog heel erg,’ vertelt de schrijfster. ‘Maar ik heb wel gezien hoe sterk kinderen zijn en wat ze allemaal kunnen om te overleven.’ Over die tijd schreef Erna later, in 1985, haar eerste boek. Het heette: Ik wilde niet naar Afrika. In 1969 verhuisde het gezin van Gabon naar een missiepost in Oost-Afrika. In 1970 en 1972 werden haar beide zoons geboren. Ze leefden daar heel primitief.

Later, in de tachtiger jaren, gaf Erna lezingen bij het Koninklijk Instituut voor de Tropen in Amsterdam. Ze vertelde de partners van mensen die in Derde Wereldlanden gaan werken, hoe het daar is. In 1972 kwam het gezin even terug in Nederland. Anderhalf jaar leidde de schrijfster een peuterklas bij haar in huis. Van 1974 tot 1976 woonden ze op een suikerplantage in Afrika. In 1977 besloten ze terug te gaan en in Nederland te blijven. Erna begon toen als journaliste voor tijdschriften te schrijven. Eerst in het blad ‘Mensen’. Later in ‘Ouders van Nu’ en ‘Elegance’. Vaak schreef ze over kinderen en over relaties. In 1992 werden een aantal artikelen gebundeld tot een boek voor volwassenen. Omstreeks 1978 begon ze balletlessen te geven aan peuters. Dit deed ze 12 jaar lang. Dansen was namelijk een hele grote hobby van haar.

Haar ervaring als onderwijzeres en balletlerares kon ze goed gebruiken voor de boekjes over Cindy, een meisje dat dol is op ballet. Ook stopt ze veel jeugdherinneringen in de verhalen. Om de boekjes zo goed mogelijk te schrijven, volgde ze een cursus scenarioschrijven. Een scenario vertelt op papier wat er in een film of tv-serie wordt gezegd en gedaan. Met haar boeken wil Erna Gianotten iets zeggen. ‘Ik probeer kinderen grenzen bij te brengen,’ vertelt ze. ‘Ook probeer ik ze te leren dat ze de dingen zelf, buiten de volwassenen om, tot een goed eind kunnen brengen.’ Het eerste boek over Cindy verscheen in 1990. De serie is bedoeld voor meisjes van acht jaar en ouder. In het begin schreef Erna onder de schuilnaam Suzan Zomers. Nu gebruikt ze gewoon haar eigen naam.